Wijchen in de overgang
In de Woonvisie 2012-2016 Duurzaam Bouwen staat het helder en duidelijk beschreven. Na een lange tijd van toename van het aantal inwoners in Wijchen zal op korte termijn het aantal inwoners gaan afnemen. Er komt een einde aan de groei en die gaat over in een afname. De verwachte krimp van het aantal inwoners wordt op korte termijn een feit.
Dat het college van B&W deze cijfers van de
Primosprognose hanteert getuigt van realiteitszin en durf. De afgelopen jaren
is in de raadszaal herhaaldelijk gezegd dat de bevolkingskrimp nog ver weg lag;
cijfers van andere prognoses zouden dat aantonen. De prognose van Primos komt
redelijk overeen met die welke de provincie hanteert. In het overleg tussen
gemeente- en provinciebestuur worden dus dezelfde cijfers gebruikt en dat kan
het overleg zinvol en vruchtbaar maken. Tot zover kan de PvdA leven met de
woonvisie.
Dezelfde prognose geeft ook cijfers over de te verwachten
toename van het aantal huishoudens. Die wordt geraamd op circa 800 huishoudens
in de periode 2012 tot en met 2020. En omdat ieder huishouden een woning wenst,
kan dat gelijk gesteld worden aan 800 woningen. Als we dat aantal van 800
woningen dat nog gebouwd zou moeten worden vergelijken met de aantallen zoals
die in de woonvisie worden opgevoerd, zien we iets raars. In de woonvisie staat
dat er in de periode tussen 2010 en 2020 niet meer dan 1.900 woningen worden
gebouwd. Dit is het aantal dat de gemeente binnen de Stadsregio heeft
afgesproken. Maar dat getal van 1.900 verschilt wel heel veel van de door het gemeentebestuur
gehanteerde prognose van 800 woningen.
Wat is de oorzaak van deze grote verschillen? Gaat het hier
om rekenfouten of om interpretatieverschillen? Voor ons is het niet duidelijk.
We weten in ieder geval één ding zeker en dat is wees voorzichtig met het
aankopen van woningbouwlocaties. Buurgemeente Beuningen heeft in het recente
verleden veel bouwgrond gekocht in de periode van Tempo KAN, toen het nog goed
ging met de woningmarkt. De bedoeling was daar later geld aan te verdienen. Bij
het inzakken van de woningmarkt bleek dat deze aankopen alleen maar geld te
kosten. En veel ook: er moesten vele miljoenen euro’s worden afgeboekt op de
gemeentelijke woningbouwgronden.
Zo ver mag het niet komen in Wijchen. De PvdA heeft aan het
college van B&W gevraagd de financiële risico’s van de bouwlocaties die in
handen zijn van de gemeente, in beeld te brengen. Dat hoort immers bij de
controlerende taak van de gemeenteraad.
We gaan er vanuit dat in het antwoord ook aandacht besteed
wordt aan de gemeentelijke ambitie van
het bouwen van 1.900 woningen en de prognose van Primos van circa 800 woningen.
Heeft dat verschil mogelijk tot gevolg dat delen van de gemeentelijke gronden
niet op korte termijn worden gebouwd? Of gaat het om gronden van derden,
ontwikkelaars en particulieren waar financieel pijn geleden gaat worden?
Eén ding is duidelijk: eventuele verliezen in het
grondbedrijf kunnen niet worden opgevangen in de begroting. Die staat door de
vele bezuinigingen al onder (te) grote druk.
Johan de Kievit, raadslid PvdA